Herontwerp papier- en kartonketen uit de startblokken

Posted by USI-Urban on april 14th, 2014 | No Comments

Jacqueline Cramer | Tijdschrift Milieu www.vvm.info | 2-2014

Download dit artikel als PDF

Bron: www.vvm.info

Naar een duurzame stad

Posted by USI-Urban on april 11th, 2014 | No Comments

Jacqueline Cramer | Stichting Maatschappij en Onderneming www.smo.nl | 7 april 2014

Het is vreemd om je eigen werk 20 jaar na dato weer te herlezen. Die ervaring bekroop me, toen ik de SMO uitgave Naar een duurzame stad opnieuw onder ogen kreeg. Toch was het een feest van herkenning. De inhoud blijkt nog steeds actueel. Alleen hebben we inmiddels wel veel meer technische en praktische kennis opgebouwd.

De SMO uitgave Naar een duurzame stad is geschreven in 1994. Het was een optimistische tijd, vlak na de belangrijke Rio milieu-conferentie van 1992. In navolging van het Brundtland rapport ‘Our Common Future’ stond tijdens die conferentie het streven naar een duurzame ontwikkeling centraal. We realiseerden ons dat het milieuvraagstuk niet kon worden opgelost zonder daarbij het verband te leggen met de economische tegenstellingen wereldwijd. We waren ons terdege bewust van het feit dat onze ecologische voetafdruk mede bepaald werd door wat we aan grondstoffen importeerden, vaak gewonnen onder sociaal en ecologisch slechte omstandigheden. Om duurzame ontwikkeling te realiseren, moesten daarom milieu, economie en menselijk welzijn hand in hand gaan.

Duurzame Ontwikkeling

Het begrip ‘duurzame ontwikkeling’ verenigde de deelnemers aan de Rio conferentie. Maar wat dit begrip concreet betekende, moesten we nog uitvinden. Wel was er ook toen al een roep om acties op lokaal niveau te omarmen. Daar ligt immers de basis van alle verandering. Er werd een Lokale Agenda 21 geformuleerd waarin steden opgeroepen werden om duurzaam te gaan handelen. Het argument dat een steeds groter deel van de wereldbevolking in steden zou gaan wonen (nu 50% en in 2015 rond 75%) speelde toen echter minder.

Destijds vertaalden we het begrip duurzame ontwikkeling in woorden als ‘integraal ketenbeheer’ en ‘het sluiten van stofkringlopen’. Nu noemen we dat ‘cradle to cradle’ en het streven naar een circulaire economie. Maar de essentie van hetgeen ons inhoudelijk voor ogen stond, was nauwelijks anders.

We wisten dus inhoudelijk wel wat een duurzame stad zou kunnen zijn, maar hadden er nog weinig technische en praktische ervaring mee. In de SMO-uitgave hield ik een pleidooi voor het formuleren van duurzaamheidsstrategieën op de belangrijkste actieterreinen: energie, water, mobiliteit, afval en leefbaarheid. De voorbeelden die ik gaf, waren toen nog redelijk futuristisch. Het ging over energiezuinige woningen en over het sluiten van de afvalkringlopen.

Gelukkig zijn we inmiddels een stuk verder. We kunnen nu energieneutrale, of zelfs energieleverende, woningen bouwen. Ook zijn we technisch in staat om een groeiend aantal afvalstromen grotendeels terug te brengen in de kringloop en vergaande zuivering van afvalwater toe te passen met terugwinning van grondstoffen als gevolg. Het grote probleem waar we nu voor staan, is ervoor te zorgen dat wat er technisch op het niveau van een huis of afvalstroom op kleine schaal kan, wordt opgeschaald tot het niveau van een wijk of zelfs een hele stad. Dat vergt een hele andere aanpak. Het gaat dan niet meer om een individueel bedrijf dat een duurzaam product op de markt brengt, maar om een consortium van bedrijven dat grootschalig een transitie naar een duurzame wijk in gang weet te brengen. Dit vergt nieuwe vormen van samenwerken en andere juridische en financiële arrangementen.

De ervaring leert dat zo’n transitie niet lukt zonder betrokkenheid van de mensen in die wijk. Ook zij moeten het belang en het positieve ervan inzien. Bewoners zijn als geen ander in staat om die beweging van onderop tot stand te brengen. En dat zie je ook steeds meer gebeuren. Het zijn burgers die in actie komen om hun wijk op een duurzame leest te schoeien. Ze kopen gezamenlijk zonnepanelen in en installeren die op hun daken. Ze starten acties om energiebesparing collectief aan te pakken. Dat zijn positieve ontwikkelingen die volop de ruimte moeten krijgen.

Conclusie

Het streven naar duurzame ontwikkeling is in twintig jaar tijd wel ingezonken in onze maatschappij. Bedrijven snappen dat ze zuinig moeten omgaan met energie en grondstoffen en dat dit in hun eigen belang is. Burgers hebben intuïtief een zelfde gevoel. Maar hoe we met zijn allen de oude economie achter ons kunnen laten en kunnen toegroeien naar een duurzame economie, is een gigantische uitdaging. Veranderingen op het niveau van wijken of zelfs steden vinden plaats in weerwil van bestaande structuren en culturele gewoonten. Alle verandering betekent afscheid nemen van het oude. Gezien het feit dat dit botst met gevestigde belangen en instituties, zal het proces van verandering geleidelijk gaan. Toch zien we steeds meer steden die zich sterk maken voor een gezonde en duurzame stad en concrete acties daarop ondernemen. Energieneutrale wijken, een circulaire stad waarin afval weer grondstof wordt, duurzame mobiliteit en groen in de stad zijn realistische ambities geworden. Hoe hardnekkig veranderingsprocessen ook zijn, we zien wel degelijk dat in steden duurzame ontwikkeling gaande is. Was in 1994 een duurzame stad nog grotendeels theorie, in 2014 wordt het stapje voor stapje praktijk.

Bezoek aan Vancouver en San Francisco

Posted by USI-Urban on april 7th, 2014 | No Comments

Ervaringen delen op het gebied van duurzame steden is altijd inspirerend. Juist door verhalen van andere landen te spiegelen aan wat je zelf doet, krijg je nieuwe inzichten. Dit gevoel had ik zeker toen ik de afgelopen twee weken in Vancouver en San Francisco doorbracht. De aanleiding was tweeërlei. Ik was uitgenodigd als spreker op de tweejaarlijkse GLOBE milieuconferentie in Vancouver en ik bezocht beide steden als voorzitter van de advisory board van Orange Goes Green.

De GLOBE conferentie was groots opgezet met bekende sprekers zoals Amory Lovins, Michael Braungart, Ellen MacArthur Foundation en Robert Kennedy jr. Wat ik ervan opstak, was dat de trends in de US en Canada vergelijkbaar zijn met die in Nederland. De vijf belangrijkste zijn:P1020871_klein
1.    Proactieve energie- en netbedrijven richten hun aandacht steeds meer op decentrale, hernieuwbare energiesystemen;
2.    Steden nemen de leiding in de klimaat aanpak met regionale CO2  reductieprogramma’s;
3.    Energie-nul woningen winnen terrein;
4.    ICT gerelateerde cleantech start-ups vormen een nieuwe sector;
5.    Verticale stadslandbouwinitiatieven komen als paddenstoelen uit de grond.
De thema’s waarop USI zich richt, sluiten hier goed bij aan.

In mijn sessie ‘Resilient Cities’ heb ik vooral gesproken over de manieren waarop voortgang te monitoren is en hoe je betrouwbare data kunt genereren hiervoor. Mijn boodschap was dat het delen van data waarover verschillende instanties beschikken cruciaal is. Maar ook dat monitoren slechts een van de aspecten is om tot ‘resilient cities’ te komen.

Na de GLOBE conferentie heb ik 3 dagen doorgebracht bij de University of British Columbia. Naast het geven van enkele colleges heb ik uitgebreid gesproken over een project dat Orange Goes Green samen met UBC wil gaan uitvoeren. P1020936_kleinHet project richt zich op het vergroenen van de Campus, met name op het gebied van
a. watermanagement,
b. landschapsecologie en stadslandbouw en
c. industriële symbiose van een duurzaam kantoorgebouw met een nabijgelegen kas.
Betrokken Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen zijn in eerste instantie PRIVA, Deltares en de Universiteit Wageningen. Mogelijk worden in de toekomst ook Ecofys, IF Technology, Deerns en/of de Universiteit Utrecht betrokken. Naast dit Orange Goes Green project heb ik ook gesproken over mogelijke uitwisseling van ervaringen tussen UBC en andere US en Canadese campussen met ons Climate-KIC project ‘Sustainable Campus’. Aan dit laatste project doen naast de Universiteit Utrecht ook Delft, Wageningen en 5 andere campussen in de EU mee. De reactie op mijn voorstel was positief, dus gaan we daar zeker mee verder.

Na Vancouver had ik een boardmeeting met de advisory board van Orange Goes Green in San Francisco. P1020970_kleinNu we 2 jaar bezig zijn, was het tijd om te reflecteren op de voortgang. De board was positief! Er zitten inmiddels verschillende projecten tussen Canadese/US partners en het consortium van Orange Goes Green bedrijven en kennisinstellingen in de pijplijn. Het public private partnership begint voet aan de grond te krijgen. Natuurlijk duurt het enige tijd voordat zo’n nieuw initiatief geworteld raakt, concludeerde de Board. Maar de perspectieven zijn hoopgevend. Na de vergadering hebben we ook nog twee mogelijk interessante projecten bezocht.P1020931_klein

Tijdens de bezoeken in Vancouver en San Francisco ben ik fantastisch ondersteund door de beide consulaten. De brugfunctie die zij vervullen tussen Nederlandse bedrijven, kennisinstellingen en de overheid en de counterparts daar, is zeer waardevol. Waar mogelijk heb ik tijdens mijn bezoek geprobeerd daaraan zelf ook een bijdrage te leveren. Een voorbeeld hiervan was een presentatie over de innovatieve ontwikkelingen in de Nederlandse afvalsector tijdens een ontbijtsessie in Vancouver.

Een bezoek als deze was daarom op meerdere fronten zinvol, voor ons Utrechtse netwerk en voor de BV Nederland in den brede.

SHOP & DROP: Rotterdam krijgt de primeur!

Posted by USI-Urban on april 3rd, 2014 | No Comments

SHOP&DROP is hard op weg naar een eerste pilot van de app, spannend dus! En hoewel we ontzettend veel Utrechtse promotors hebben, is het toch Rotterdam die de primeur krijgt van de eerste versie van de app. Ewout, Lorentz en ik (het team van SHOP&DROP) zijn namelijk in Rotterdam gevestigd en we hebben warme contacten met diverse instanties binnen de stad. Zo kunnen we vooral ook zelf goed testen en zien hoe de eerste versie werkt in de praktijk. Maar niet getreurd als je geen Rotterdammer bent. We schrijven z.s.m. een poll uit waarbij je kunt stemmen op jouw stad zodat dat die de eerstvolgende wordt waar SHOP&DROP beschikbaar komt! En Utrecht heeft de eerste stemmen al uitgebracht…

SHOP&DROP geeft je (zoals je inmiddels wel weet) persoonlijk advies over waar jij jouw spullen kunt droppen in het gebied waar jij gaat shoppen. Maar er is nog veel meer. SHOP&DROP draait namelijk om de content die jij toevoegt! Ken je een drop-locatie bij jou in de buurt die nog niet vermeld staat? Voeg hem zelf toe en hij verschijnt ook voor jouw buurtgenoten in de app. Weet je waar je extra waarde krijgt voor een drop (een korting, steunen van een goed doel, kans op een prijs), deel dat dan met je vrienden. En hoe vaker je dropt, hoe meer punten je scoort en hoe groener de aarde wordt. Dus met SHOP&DROP strijd je om de drop-koning van jouw vrienden te worden. En met een beetje geluk word je daar ook voor beloond door een shop- of droplocatie.

Wij gaan weer gauw verder om te zorgen dat jullie allemaal heel snel kunnen droppen tijdens het shoppen. Niet om dat het MOET, maar gewoon omdat het ontzettend makkelijk, waardevol en LEUK is!

Nu al jouw stem uitbrengen op de eerstvolgende SHOP&DROP stad? Stuur je naam, emailadres en stad naar info@shopendrop.nl!

Volg ons ook op twitter @SHOPenDROP

Succesvolle start van de E-waste race!

Posted by USI-Urban on april 3rd, 2014 | No Comments

De pilot van de E-waste race is begonnen! We zijn nog maar net een week bezig en het is nu al een groot succes!

Vanaf 17 maart tot en met 19 april nemen zeven scholen het tegen elkaar op om zoveel mogelijk elektronisch afval in te zamelen. De school die het meest registratiebilalschoolinzamelt wint een mooie schoolreis naar Science Centre NEMO in Amsterdam!

Buurtbewoners rondom de deelnemende scholen kunnen gemakkelijk hun elektronisch afval laten ophalen door de leerlingen uit de buurt door hun afval aan te bieden op de website: www.ewasterace.nl en een ophaalmoment te kiezen. Op de website wordt de score tussen de scholen bijgehouden.

De eerste week was al gelijk een groot succes. De E-waste race heeft flink wat media aandacht ontvangen van onder andere het Amersfoorts Dagblad, Brabants Dagblad en Radio M Utrecht. Tijdens de introductielessen op de scholen, een week voor aanvang van de race, is de wethouder in Amersfoort zelfs op bezoek gekomen bij een van de scholen voor de aftrap. Allerbelangrijkst is echter het lokale enthousiasme van de kinderen, leraren en mensen in de wijk! Zie hier een klein overzicht van wat we na slechts één week al hebben bereikt!

  • Nu al volle bakken. Bij één van de scholen zijn de eerste 2 bakken al binnen een week afgevoerd en is er
    maar liefst 240 kg gemeten!
  • In totaal zijn er op de website zo’n 28.000 punten geregistreerd met 7 scholen. Dit staat gelijk aan een totaal van 930 telefoons óf 1400 ICT gerelateerde apparaten óf 2800 kleine apparaten. Uiteraard is het een combinatie.
  • Aanwezigheid van de wethouder bij de aftrap.image
  • Brabants Dagblad
  • Amersfoorts Dagblad
  • Radio M, Utrecht
  • Nog wat leuke foto’s toegevoegd, de race is nog maar net begonnen en de bakken puilen al uit!

Een overzicht van deelnemende scholen is te vinden op de website: www.ewasterace.nl
Nieuwtjes zijn te volgen op de E-wasterace facebook pagina en op twitter: @ewasterace

Doe mee!
Wil je ook een E-waste race in jouw gemeente, buurt of regio laten opzetten?! Neem contact op met Timmy de Vos via info@ewasterace.nl of tel: 0654643843

TEDxBinnenhof viewing party

Posted by USI-Urban on maart 29th, 2014 | No Comments

Door Merel Deelder, Mede-oprichter van De Achtertuin

“Volg je hart en ga voor een missie”, zegt Jacqueline Cramer tijdens haar speech op het Skills for a Circular Economy event van het USI, de VVM en ECO-job afgelopen november. “Bedenk goed: wat kan ik, wat wil ik en wie kan mij daarbij helpen?”. Gedurende het event blijven haar woorden door mijn hoofd dwalen. Wat wil ik nu eigenlijk? Mijn ‘missie’ heb ik al van kinds af aan duidelijk voor ogen: een duurzame samenleving creëren. Maar hoe vertaal je zo’n grootse missie in gedrag? Toen ik acht jaar oud was dacht ik dit te bereiken door mijn vleesetende klasgenoten uit te schelden. Na studies in psychologie en duurzame ontwikkeling te hebben afgerond, heb ik een meer genuanceerde kijk op duurzaamheid en gedragsverandering ontwikkeld. Het is tijd om mijn inzicht te vertalen in nieuwe actie.

Tijdens het event staat mijn carrière op een kruispunt. Na maanden van ‘groen’ onderzoek achter de computer realiseer ik me dat ik niet wil vastgroeien achter een computerscherm. Ik wil in de maatschappij staan, directe impact creëren en verandering ervaren. Iets wat ik sinds mijn studie psychologie verwezenlijk in mijn werk als trainer, maar wat ik nooit professioneel heb gecombineerd met het thema duurzaamheid. Misschien is dit het moment om dit te gaan realiseren.

Het event vervolgt zich in workshops. We worden ingedeeld in groepen en daar ontmoet ik Eva Froger, een interessante vrouw die me direct weet te inspireren. Ze vertelt me dat ze werkt als freelance consultant en daarnaast een training aan het opzetten is in duurzaamheid. “Ik zoek nog een ervaren trainer om dit samen mee te doen”, zegt ze tussen neus en lippen door. Amper twee maanden later is De Achtertuin geboren: we hebben een website, lopen events plat en zijn druk bezig de training te testen en verder te ontwikkelen.

De Achtertuin - foto 3De Achtertuin - foto 4De Achtertuin - foto 2

Begin maart hielden we de laatste pilot en inmiddels hebben we enkele offertes uitstaan voor onze ‘MVO Management Game’. Met deze training in spelvorm laten we een groep collega’s de grenzen van de lineaire economie ervaren. Samen zoeken we naar mogelijkheden om de basisprincipes van de circulaire economie toe te passen binnen de organisatie.

Onze naam, ‘De Achtertuin’, staat symbool voor dat wat je in het dagelijks leven niet ziet. Waar de voortuin vaak wordt gebruikt als visitekaartje, is de achtertuin verscholen privéterrein. Met onze trainingen willen wij een blik bieden over de schutting van alledaagse productieprocessen. Door afwisselend te werken aan teambuilding en inhoud, laten wij mensen buiten bestaande kaders kijken. Zo kan innovatie en inspiratie plaatsvinden. We gaan op zoek naar nieuwe perspectieven en openen de poorten naar de achtertuin. Op een speelse manier creëren we hiermee meer betrokkenheid bij MVO-beleid en onderzoeken we samen met de organisatie welke mogelijkheden de Circulaire Economie te bieden heeft.

De Achtertuin - foto 1Dankzij het Skills for a Circular Economy event, heb ik een manier ontwikkeld om bij te dragen aan de verwezenlijking van een circulaire economie. Ik vind het geweldig om dit te kunnen doen door groepen te trainen en te begeleiden. Door mijn passies voor psychologie en duurzaamheid te combineren werk ik iedere dag aan deze missie vanuit mijn hart.

Is je interesse in De Achtertuin gewekt? Neem een kijkje op www.deachtertuin.com.

By professor dr. Jacqueline Cramer

Director of the Utrecht Sustainability Institute; professor in sustainable innovation.

Join professor dr. Cramer at the TEDxBinnenhof Viewing Party of the University of Utrecht, March 31 13.00-16.30 at the Senaatszaal, Academiegebouw, Utrecht. Made possible through a collaboration of Green Office Utrecht, Utrecht Sustainability Institute and Socrates Honours Students Society.

The strife for a circular economy offers multiple opportunities: it contributes to economic growth, creates jobs and reduces our ecological footprint. Numerous studies have shown the merits and basic principles underlying the circular economy. However, the main challenge is to develop more showcases and walk the talk. The Utrecht Sustainability Institute (USI) has set up ‘Circular Economy Labs’ to support this challenge (www.usi.nl). Each lab focuses on a specific product chain where higher gains can be achieved by bringing waste back into the cycle. We invite all actors in the product chain to share their experiences and answer the following questions: What are the main bottlenecks to realize a closed loop? And how can each actor, including the government and citizens, contribute to achieve this objective?One of the spin-offs of the labs is the generation of new innovations and businesses, which can enhance the circular economy. An example is the ‘E-waste 2.0 Challenge’ lab, which USI organized together with Wecycle and the UtrechtInc (the Incubator Centre). Young professionals were able to pitch their idea on how to improve the collection rate of e-waste discarded by consumers. The two winners of the challenge received 10.000 euro each to further develop their idea. In addition, UtrechtInc offered a training program of three months aimed at enhancing the business cases behind the ideas. This is just one of many examples of how one can reap the still untapped opportunities of closing the loop of product chains. Therefore, the strife for a circular economy is a promising field for young professionals and will at the same time contribute to a major societal goal: to leave behind a liveable planet for future generations.

To walk the talk, you are very welcome to join our Circular Economy Lab in Utrecht (NL) on April 22nd.

For all information on TEDxBinnenhof please view: tedxbinnenhof.com

Slim net moet goedkoper worden

Posted by USI-Urban on maart 20th, 2014 | No Comments

Norbert Cuijper | Ensoc Magazine Ensoc.nl | voorjaar 2014

Download dit artikel als PDF

Bron: www.ensoc.nl

Jacqueline Cramer, directeur Utrecht Sustainability Institute

UNEP PAGE 2014 -1 UNEP PAGE 2014 -2

Op 4 en 5 maart 2014 vond in Dubai de eerste PAGE (Partnership for Action on Green Economy) plaats. Ik was uitgenodigd als gastspreker op deze memorabele conferentie. De organisatie was in goede handen bij de Verenigde Arabische Emiraten en werd ondersteund door de internationale organisaties: UNEP, ILO, UNIDO en UNITAR.

Centraal tijdens de conferentie stond de verschuiving van milieubeleid naar geïntegreerd economisch beleid. Voor het oplossen van problemen zoals klimaatverandering, grondstoffenefficiëntie, biodiversiteit en voedselproductie keek men tot voor kort vooral vanuit een milieubril. Maar sinds de RIO +20 conferentie in 2012 streeft de internationale gemeenschap naar een integratie van milieu- en sociale vraagstukken in het economische beleid van nationale overheden. Dus naar een groene én sociale economie. Hiermee hoopt men uit de paradox te komen tussen economische groei en behoud van de aarde.

PAGE is opgericht om dit uitgangspunt concreet te maken. Doel is om nationale overheden strategische, integrale economische ontwikkelingsprogramma’s te laten formuleren waarin milieu – en sociale aspecten integraal worden meegenomen. Naast visie en een korte en lange termijn strategie vergt dat een systematische aanpak van de uitvoering en een goede monitoring van de resultaten. De programma’s in Mongolië en Peru zijn de eerste twee voorbeelden die met steun van de internationale gemeenschap zijn opgezet. Andere landen zullen spoedig volgen.

Ikzelf heb met de toehoorders en het panel de Nederlandse ervaringen met het vergroenen van de economie gedeeld. De aanpak van ‘transitie management’ vond veel weerklank. Naast het integrale klimaatprogramma heb ik gesproken over onze Circular Economy Labs. Voor velen was het nieuw om de transitie van een lineaire naar een circulaire economie per productketen met alle relevante bedrijven en gebruikers op gang te helpen brengen of te versnellen.

De doelstelling van de conferentie was om ervaringen uit te wisselen over het vergroenen van de economie en op die manier processen van verandering te versnellen. Natuurlijk neemt elk land zijn eigen punten mee naar huis. Dat geldt ook voor mij. De ‘take home’ boodschap die ik heb, is dat de activiteiten van het USI naadloos aansluiten bij de richting die ook internationaal wordt ingeslagen. Dat stemt positief.

UNEP PAGE 2014 -3

Earth Hour City Challenge

Posted by USI-Urban on februari 25th, 2014 | No Comments

Op 27 maart vindt de finale van de WWF Earth Hour City Challenge plaats, dan wordt in Vancouver Canada uit 33 steden in 14 landen de Global Earth Hour Capital 2014 gekozen.

Er dingen dit jaar geen Nederlandse steden mee in de competitie. Uw stem is echter wel belangrijk omdat daardoor een beter beeld ontstaat van de globale duurzame stad. Ook is er een mogelijkheid om zelf suggesties voor duurzame steden aan te dragen. Ga daarom snel naar www.welovecities.org om op een van de duurzame steden te stemmen en uw suggesties te delen.

Het De Breed Kreiken Innovatiefonds is opgericht door De Breed & Partners en wordt beheerd door het Prins Bernhard Cultuurfonds.banner234x60

Talentvolle afgestudeerde academici (MA) en HBO’ers (BA) uit alle disciplines kunnen in aanmerking komen voor een Cultuurfondsbeurs.

Cultuurfondsbeurzen zijn bedoeld voor vervolgopleidingen in het buitenland met een minimale duur van een jaar die leiden tot een tweede Mastertitel of een aanverwante graad en voor vervolgonderzoek in het buitenland met een minimale duur van drie maanden.

Met de Richtlijnenwijzer test u of uw aanvraag voldoet aan Cultuurfondsbeursrichtlijnen.
Ga naar de Richtlijnenwijzer

Behandeling aanvragen: éénmaal per jaar, in de vergadering van de beurzencommissies van het landelijk fonds uiterste inzendtermijn 1 april.

Voor meer info: www.debreed.nl/de-breed-kreiken-innovatiefonds & www.prinsbernhardcultuurfonds.nl

De circulaire economie raakt alle sectoren van de Nederlandse economie. Maar welke materiaalstromen hebben nu prioriteit en dragen het meeste bij aan de circulaire economie? Deze vraag staat centraal in het vierde Circular Economy Lab, georganiseerd door het Utrecht Sustainability Institute. Het lab wordt gehouden op 22 april van 20.00 – 22.00 uur in de Aula van het Academiegebouw, Domplein, Utrecht.

Uitgangspunt van dit lab is het onlangs verschenen rapport ‘Towards the circular economy vol. 3’ van de Ellen MacArthur Foundation en McKinsey. In dit rapport worden vier materiaalcategorieën benoemd als bouwstenen voor de circulaire economie:

  • Golden Oldies: Materialen die bekend staan om hun hoge recycling percentages, zoals papier en glas. Duurzaamheidswinst is te behalen door de kringloop (nog) beter te sluiten.
  • High Potentials: Materialen met grote productie- en afnamevolumes waarvoor het recyclingsysteem nog onvoldoende is ontwikkeld, zoals polymeren.
  • Rough Diamonds: Bijproducten die in grote volumes bij diverse productieprocessen ontstaan, zoals CO2 en voedselrestanten. Valorisatietechnologieën om dit procesafval te hergebruiken zijn sterk in opkomst.
  • Future Blockbusters: Innovatieve materialen die de potentie hebben om door te breken in de markt, zoals 3D-printing – en bio-based materialen.

Deze vier materiaalcategorieën zijn volgens de auteurs de voornaamste potentiële bouwstenen voor de circulaire economie. De gezamenlijke inspanning van enkele grote marktspelers zou voldoende moeten zijn om sluitende circulaire business modellen te realiseren.

Het doel van het lab is om op basis van het rapport ‘Towards the circular economy vol. 3’ de volgende vragen te beantwoorden:

  • Kunnen de deelnemers aan het lab zich vinden in de conclusies van het rapport?
  • Zijn de genoemde materiaalcategorieën ook voor Nederland het meest essentieel om tot een circulaire economie te komen?

Ontvangst vanaf 19.30 uur, het programma start om 20.00 uur. De avond wordt om 22.00 uur afgesloten met een netwerkborrel.

Deelname is gratis, meldt u direct aan voor deze bijeenkomst.

Programma:

Moderator: Jacqueline Cramer, directeur Utrecht Sustainability Institute

19.30 uur
Ontvangst met koffie en thee

20.00 uur
Introductie Circular Economy Lab 4 – Bouwstenen voor de circulaire economie in Nederland
Sander de Vries, cluster manager grondstoffen Utrecht Sustainability Institute

20.05 uur
STAP 1: DE VIER BOUWSTENEN
Samenvatting van het rapport ‘Towards a circular economy vol. 3’ en visie op de stand van zaken in Nederland
Ernst Worrell, professor Energy, Resources & Technological Change Copernicus Instituut
Gevolgd door discussie o.l.v. Jacqueline Cramer met Ernst Worrell en de zaal

20.35 uur
STAP 2: STAND VAN ZAKEN IN NEDERLAND
Paneldiscussie o.l.v. Jacqueline Cramer met drie experts op het gebied van grondstoffenschaarste en circulaire economie:
Ton Bastein, programmamanager grondstoffenschaarste TNO
Guido Braam, directeur Circle Economy
Maayke-Aimée Damen, research & development INSID
Douwe Jan Joustra, managing partner OPAi
Gevolgd door discussie o.l.v. Jacqueline Cramer met panelleden en de zaal

21.15 uur
STAP 3: NAAR EEN CIRCULAIRE ECONOMIE
Jacqueline Cramer gaat actief in discussie met vertegenwoordigers van de vier genoemde materiaalcategorieën in de zaal over de belemmeringen en kansen van hun branche om toe te groeien naar een circulaire economie. Welke ambities hebben zij en hoe zijn deze te realiseren? De overige deelnemers worden van harte uitgenodigd om deel te nemen aan de discussie.

22.00 uur
Afsluiting en netwerkborrel

Het Lab is onder andere interessant voor marktpartijen, beleidsmakers die te maken hebben met duurzaamheidsdoelstellingen, en voor studenten die geïnteresseerd zijn in de transitie naar een duurzame samenleving. Voor wetenschappers biedt het lab een uitstekende gelegenheid hun kennis en ideeën te toetsen aan de ontwikkelingen in het veld.

Deelname is gratis, meldt u direct aan voor deze bijeenkomst.

Lees meer:
- Circular Economy Labs projectinformatie
- Circular Economy Labs debatavonden
- Lab 1: E-waste
- Lab 2: Bouw- en sloopafval
- Lab 3: Papier en karton

Energietransitie door coalitievorming

Posted by USI-Urban on februari 9th, 2014 | No Comments

Anne Luijten & Agnes Franzen | Gebiedsontwikkeling.nu | 28 januari 2014

Download dit artikel als PDF

Bron: www.gebiedsontwikkeling.nu

Via het Máxima Centrum de natuur in wandelen

Posted by USI-Urban on februari 4th, 2014 | No Comments

Dennis Christmas en Jacqueline Cramer in Get Connected | Economic Board Utrecht (EBU) | NR 7 | Jan 2014

Nieuwsarchief

Agenda

<< Apr 2014 >>
maandinswoendondvrijzatezond
31 1 2 3 4 5 6
7 8 9 10 11 12 13
14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27
28 29 30 1 2 3 4